1.Lagere uitkering Provinciefonds

1.

Lagere uitkering Provinciefonds

Omschrijving

Risico is dat de inkomsten uit het Provinciefonds lager uitvallen dan geraamd. Mogelijke oorzaken zijn:

a. eenzijdige korting van het Rijk;

b. ontwikkelingen in het accres (het Provinciefonds is via het zogeheten accres gekoppeld aan de ontwikkeling van de rijksuitgaven) en/of de verdeelmaatstaven;

c. effecten van taakmutaties (bij re-/decentralisatie van taken kunnen er verschillen ontstaan tussen aan het fonds toe te voegen/te onttrekken middelen en de werkelijke kosten voor de provincie;

d. verrekening van over-/onderschrijdingen van het BTW-compensatiefonds (met ingang van 2015 geldt er een plafond; over-/onderschrijdingen worden achteraf verrekend met het Gemeente-/ Provinciefonds.

Impact

De impact van dit risico kan sterk variëren van enkele tonnen tot meer dan € 20,0 mln.

Maatregelen

- Ontwikkelingen in het Provinciefonds worden op de voet gevolgd. In IPO-verband is Zuid-Holland betrokken bij verdeelvraagstukken en taakontwikkelingen.

- Inkomsten uit het Provinciefonds worden behoedzaam geraamd. Voor kleine afwijkingen als gevolg van ontwikkelingen in het accres, verdeelmaatstaven en taken wordt een behoedzaamheidsmarge gehanteerd van € 1,5 mln oplopend tot € 2,0 mln met ingang van 2016.

Status

In de Begroting 2015 zijn de financiële consequenties verwerkt van de meest recente circulaire van het Rijk (dat is de Meicirculaire 2014). Naast reguliere ontwikkelingen in het fonds (die zich altijd kunnen voordoen) spelen er de komende jaren de volgende zaken:

  • Ondanks het voorzichtige herstel van de economie (en daarmee van de overheidsfinanciën) blijft de ontwikkeling van het accres onzeker. Belangrijke vragen hierbij zijn: zet het herstel werkelijk door? Kiest het Rijk bij aanhoudend herstel voor intensiveren of juist voor het nog verder terugdringen van het overheidstekort en van de staatsschuld?

  • Begin 2017 zijn er verkiezingen voor de Tweede Kamer. Eenzijdige kortingen kunnen eventueel weer gaan spelen bij de vorming van een nieuw kabinet.

  • Het Rijk is voornemens om twee grote geldstromen (namelijk de decentralisatie-uitkering natuur en de brede doeluitkering verkeer & vervoer) op te nemen in het Provinciefonds. Gezien de systematiek van het fonds zullen herverdelingseffecten tussen provincies hierbij onvermijdelijk zijn.

  • Het Rijk verwacht de komende jaren een onderschrijding van het plafond van het BTW-compensatiefonds (dit plafond beweegt mee met het accres). Feitelijke realisatie hiervan is echter onzeker, want afhankelijk van het accres en van de omvang van door decentrale overheden in te dienen BTW-declararaties. De komende Septembercirculaires (2014, 2015) bevatten aangepaste ramingen, maar pas in de Meicirculaire 2016 (die de eindafrekening bevat over 2015) ontstaat er definitieve zekerheid.